www.charlesvos.nl

dinsdag, 28 juli 2009 00:00

Franse vluchtelingen (Nieuwenhofstraat)

FRANSE VLUCHTELINGEN (Nieuwenhofstraat)
Adres: Plantsoen, Nieuwenhofstraat, Maastricht
Grafmonument [1]
Beeld, sarcofaag en sokkel: zandsteen. Afm. beeld 260 x 135 x 60 cm; afm. sarcofaag 94 x 190 x 61 cm (linker­zijkant); afm. sokkel 26 x 231,5 x 23,5 cm (rechts) x 71 cm (links).
In 1925 werd een Comité, dat zich als doel stelde "de herinnering aan de tijdens de Eerste Wereldoorlog in Nederland gestorven Franse vluchtelingen levendig te houden", opgericht.
Nederland werd in de begindagen van de Eerste Wereldoorlog overspoeld met vluchtelingen, onder andere afkomstig uit Frankrijk.
Het Comité gaf aan Huib Luns (directeur Rijksinstituut tot opleiding van tekenleraar te Amsterdam) opdracht een monument te ontwerpen ter herinnering aan de Franse vluchtelingen. Charles Vos werd gevraagd de vrouw te kappen.
Het monument werd geplaatst in het plantsoen bij de Nieuwenhofstraat. De onthulling in het bijzijn van o.a. Prins Hendrik en de heer Rochet (afgevaardigde van de Franse regering) vond plaats op 23 mei 1926.
Om 12.15 uur vond de offiële ontvangst plaats in het stadhuis. Burgemeester Van Oppen opende met een woord van welkomst aan de gasten. De onthulling door de voorzitter van het Comité, de heer Mr. P. van Wijngaarden, vond plaats in het plantsoentje aan de Nieuwenhofstraat te Maastricht. Daarna werden kransen gelegd door o.a. de Franse deputatie, de Gemeente Maastricht en het Nederlandsche Roode Kruis. [2]

Het Algemeen Handelsblad [2a] schreef een verslag van de onthulling van het beeld:

"Nadat allen plaats hadden genomen in het plantsoentje, zette de Koninklijke Zangvereeniging de „Marseillaise" in. Daarna klonk het „Wilhelmus".
De heer Van Wijngaarden, die in de Fransche taal sprak, heette den prins en andere aanwezigen welkom. Ook sprak hij een woord van welkom tot de vertegenwoordigers van de Fransche republiek, van het Fransche en Nederlandsche Roode Kruis bij dit werk, georganiseerd door de Nederlanders met goedkeuring van de Franschen. Hij herinnerde aan de dagen van 1918 en gaf een kort overzicht van wat er voor de Fransche uitgewekenen is gedaan. Daarna werd het doek weggetrokken en werd een oorkonde, bevattende de namen van de overleden Franschen, in den steen gemetseld. Spreker bracht hulde aan den ontwerper Huib Luns en den uitvoerder Charles Vos. Daarna bedankte hij in de Nederlandsche taal den burgemeester van Maastricht. Hij droeg het monument over aan de gemeente, die verdiend heeft voor al wat het in den oorlog gedaan heeft, dat dit gedenkteeken daar geplaatst wordt. Daarna werden kransen neergelegd: van het comité door mej. Bonhomme; van de Fransche regeering, van de Alliance Francaise door mej. Muller Nico, van het Ned. Roode Kruis, van de vroegere Nederlandsche Ambulance van den Pré Catelan, door mevr. Oldewelt-Otten. De heer Rochat bedankte uit naam van den Franschen minister en bracht hulde aan Nederland voor al wat het voor de vluchtelingen gedaan heeft. Frankrijk is dankbaar al degenen, die de vluchtelingen zoo spontaan hebben opgenomen. Hij bood de volgende onderscheidingen aan: den Prins de gouden medaille van de Fransche regeering, den heer Leclercq officier van het Legioen van Eer, Huib Luns ridder van het Legioen, van Eer. De gemeente Maastricht werd dank gebracht voor al wat zij gedaan heeft. Generaal Burin de Koziers bood Prins Hendrik het grootkruis van het Fransche Roode Kruis aan als dankbaarheid aan het Nederlandsche Roode Kruis voor wat het gedaan heeft voor de 40.000 vluchtelingen. Prins Hendrik bedankte in de Fransche taal voor de onderscheiding. Minister Lambooy schilderde het binnenkomen der vluchtelingen, maar ook het goede hart van heel Nederland, zoowel van burgers als van militairen; wat niet verhinderde dat zij geleden hebben ver van hun land. Voor velen kwam na regen zonneschijn. Velen zagen hun land niet terug. De plechtigheid van dit oogenblik kroont het werk, en Maastricht komt de eer toe, dit monument te krijgen, zoo bescheiden en zoo mooi. De, banden tusschen Nederland en Frankrijk zullen niet verbroken worden. Hij dankte het comité, dat de beide ministers heeft uitgenoodigd, die geboren zijn te Maastricht. De burgemeester mr. Van Oppen verklaarde uit naam der burgerij dit gedenkteeken te aanvaarden en zorg ervoor te dragen. „Wij zullen het," aldus spreker, „in stand houden als bewijs van naastenliefde." Hij legde er een krans op neer met de Maastrichtsche kleuren, en dankte nog eens in het Fransch de Fransche autoriteiten. De „Staar" zong „Beati Mortui" en de plechtigheid was geëindigd. Ongeveer 40 gasten vereenigden zich aan een noenmaal. Ter gelegenheid van de onthulling heeft de heer Leclercq een boekje laten uitgeven in de Fransche taal: „Comment nous avons accueilli les réfugiés francais", waarin een overzicht wordt gegeven van de aankomst, het verblijf in Nederland en de namen van de personen, die, en de plaatsen waar zij overleden zijn. Op het titelblad staat een afbeelding van het monument."
Voor de onthulling deed zich nog een pijnlijke situatie voor, die krant niet haalde. Toen het doek al over monument was gedrapeerd, heeft iemand kans gezien lege jeneverflessen  rond de hals van het vrouwenfiguur te hangen, die zichtbaar werden bij de onthulling. Het was een aanklacht tegen het overmatige alcoholgebruik van prins Hendrik. Bij de ontdekking werd de prins meteen weggeleid door burgemeester Van Oppen naar de woning van zijn broer in de Nieuwenhofstraat.  De burgemeester kwam direct weer naar buiten en verzocht de verzamelde pers uitdrukkelijk niets  te publiceren over dit voorval. De pers hield zich aan dit verzoek.
Nadat de flessen verwijderd waren, kon de onthulling in aanwezigheid van de prins alsnog plaats vinden. [2b]
 Op een sokkel werd een tweeledige sarcofaag geplaatst, die door de firma Glaudemans uit Den Bosch werd vervaardigd.
Het benedengedeelte van de sarcofaag draagt aan de voorzijde het in het Frans gestelde opschrift: ILS S'EN DORMAIENT EN PARLANT DU RETOUR AU PAYS (zij sliepen in, terwijl zij spraken over de terugkeer naar hun land).
De zijkant van de sarcofaag draagt het volgende, in het Nederlands gestelde opschrift: OP 23 MEI 1926 WERD DIT GEDENKTE­KEN ONTHULD TER NAGEDACHTENIS VAN 454 FRANSCHE BURGERS DIE ALS SLACHTOFFERS VAN DEN WREEDEN KRIJG HET LEVEN LIETEN IN HET HERBERGZAME NEDERLAND.
Naast de sarcofaag, aan de rechterzijde, staat ten voeten uit een vrouwenfiguur en face. Haar hoofd is naar rechts gericht. Zij draagt een geplooid gewaad met daarover een mantel die aan de bovenzijde met een speld is vastgemaakt. Haar linkerhand rust naast de speld van haar mantel. Met haar andere hand legt zij een lauwertak op de sarcofaag die bijna helemaal bedekt is met de Franse vlag.
In een loden kist is een oorkonde in het monument ingemetseld. [3]

 

 

ospm02

3106z1

onthulling van het monument (foto RHCL)

 


[1] Dit artikel, met uitzondering van de tekst die betrekking heeft op de voetnoten 2, 2a en 3, is gebaseerd op: Graatsma, Paulussen, Charles Vos, straat-beelden, Maastricht 1988. De afmetingen zijn letterlijk overgenomen uit vermelde publicatie van Graatsma en Paulussen.
[2] Monument voor Fransche vluchtelingen, Voorwaarts, socaal democratisch dagblad, 25 juni 1926
[2a] Algemeen Handelsblad 25 mei 1926
[2b] Minis Servé, De verbeelding van Maastricht. Kunstwerken in de openbare ruimte van de stad Maastricht; Maastricht 2015, blz.14-15
[3] Limburgsch Dagblad 26 mei 1926
Read 2093 times Last modified on vrijdag, 25 maart 2016 09:48