www.charlesvos.nl

zondag, 26 december 2010 06:50

Grafmonument H.J. Stins (begraafplaats, Heerlen)

GRAFMONUMENT H.J. STINS (BEGRAAFPLAATS, HEERLEN)
R.K. Begraafplaats Akerstraat Heerlen
Hermanus Josephus (roepnaam: Herman) Stins is geboren te Dokkum op 15 februari 1877 en overleden te Heerlen op 27 april 1932.
Stins was de oudste uit een gezin van acht kinderen. In 1887 verhuisde het gezin, door de economische situatie gedwongen, naar de textielstad Enschede, waar Stins nog twee jaar lager onderwijs volgde. Ondanks aandringen van de hoofdonderwijzer lieten de gezinsomstandigheden geen vervolgonderwijs toe. Een dag nadat Stins twaalf jaar was geworden, openden zich voor hem de fabriekspoorten om als wever te worden opgeleid. De zware fabrieksarbeid verhinderde Stins niet om zich op de avondschool verder te bekwamen
Hij toonde interesse voor de drankbestrijding en de opkomende vakbeweging. Beslissend in zijn keuze voor de katholieke arbeidersbeweging was zijn contact met de jonge Enschedese kapelaan dr. Alfons Ariëns. Stins werd een groot bewonderaar van Ariëns, die zijn leider en raadsman zou worden. Hij werd voorzitter van de R.K. Twentsche Katoenbewerkersbond 'St. Severus' en was in deze functie betrokken bij de oprichting van de Nederlandsche Christelijke Textielarbeidersbond 'Unitas'.
Hij kwam hiermee midden in de felle strijd over het vraagstuk van het interconfessionalisme, die zijn leven voor een belangrijk deel zou gaan bepalen. Het was vooral de RK kerk die zich hiertegen verzette. De relatie tussen Unitas en de katholieke geestelijken zou vanaf 1902 snel slechter worden.
Stins kwam in de periode na 1909 in een isolement terecht dat een definitief karakter kreeg toen het episcopaat in 1912 de katholieken verbood nog langer lid te zijn van Unitas.
Door bemiddeling van H. Poels werd de bisschoppelijke instemming verkregen om Stins te benoemen tot gesalarieerd propagandist van de Algemeene Bond van Christelijke Mijnwerkers (ABCM) in Heerlen. Stins toonde zich hier opnieuw een leider met grote organisatorische gaven.Hij leidde de kleine vakorganisatie door een moeilijke crisisperiode in de eerste helft van de jaren twintig heen en bouwde haar uit tot een grote vakvereniging.
Naast zijn vakbondswerk was Stins in Heerlen actief in de politiek. Hij werd op 22 mei 1919 geïnstalleerd als gemeenteraadslid en op 6 september 1927 volgde zijn benoeming tot wethouder van bedrijven. Hij zou dit tot zijn dood blijven. [1]
Op zondagmiddag 5 maart 1933 vond op de RK Begraafplaats aan de Akerstraat te Heerlen de onthulling en overdracht plaats van het gedenkteken dat door de Nederlandse RK Mijnwerkersbond aan de familie van Stins werd aangeboden.
Bij deze plechtigheid was het voltallige bestuur van de Mijnwerkersbond en haar geestelijk adviseur Dr. Poels, alsmede vele mijnwerkers aanwezig.
De voorzitter van de Bond, Jos. Pelzer, hield een toespraak. Hij riep de toehoorders op "in den geest van Stins 'n ander monument te bouwen in den vorm ener grootsche Katholieke mijnwerkersorganisatie met een gelijkberechtigde positie in het sociale leven". Daarna droeg hij het monument over aan de kinderen van de overleden voorzitter. Na een gezamenlijk gebed, geleid door Dr. Poels, dankte de zoon voorhet monument en zei "dat het aan eerbiedigen zorg der familie zou worden toevertrouwd". [2]
Boven op het monument staat een kruis als symbool van de opstanding. In het midden is een bronzen plaquette met een buste van Stins met links van het kruis uitgehakt van twee treurende mijnwerkers met een knielende vrouw. Aan de rechterzijde is een bronzen plaquette met het Bondsinsigne.
De tekst op het graf luidt:
De Katholieke mijnwerkers, aan de gedachtenis van Herman Jozef Stins.
 
 
orml29a orml29b 
 

 

orml29c

 

orml29d orml29e

orml29f


[1] www.iisg.nl, december 2010
[2] Monument H.J. Stins. Overdracht aan de familie in De Nieuwe Koerier van 6 maart 1933
Read 1656 times Last modified on vrijdag, 26 april 2019 08:01